CO3

CKV CO3 Restauratieatelier, Lakenhal, Scheltema

 Ik ben donderdag 30 januari met mijn klas naar de lakenhal, de Scheltema en een restauratieatelier geweest in Leiden.

Wij gingen hierheen met de klas voor het museum leerlijn. Wij kregen bij de plekken waar wij zijn geweest workshops in groepjes.

Wij kregen als allereerst een introductie van wat we die dag allemaal gingen doen. En werd er ook uitgelegd hoe alles te werk gaat in een museum. Een museum is namelijk een heel groot bedrijf.

 

Restauratieatelier

Als eerst ben ik met een groepje naar het restauratieatelier geweest. Hier kregen wij uitleg over het proces die de restaurateur, Peter Willemse, maakt vanaf het moment dat hij een schilderij binnenkrijgt. Eerst bestudeert hij het schilderij of lijst goed om te kijken hoe lang het zou duren en wat de kosten zijn. Een restaurateur repareert bijvoorbeeld een gat in het doek van een schilderij, dit doet hij met heel veel gereedschappen en precisie, ik vind het persoonlijk lijken op een operatie.

Ook kan hij een barst in het hout waar op geschilderd is repareren, scheurtjes in de opgedroogde verf maar ook het schoonmaken van de lijsten en schilderijen.

De middelen die de reparateur gebruikt voor het repareren van de barst in het hout is door er andere plankjes hout op te lijmen.

Scheurtjes in de verf repareert hij door ze heel precies op te vullen met verf en het schoonmaken doet hij met bepaalde soorten vloeistoffen bijvoorbeeld pure alcohol of terpentine.

Dit doet hij allemaal in zijn restauratieatelier. In dit atelier werkt hij samen met zijn vrouw, Joyce de Gruiter. Zij werkt hier met projecten die zij krijgt. Zij krijgt bijvoorbeeld een sculptuur en dan wordt er aan haar gevraagd of zij er gouden details bij kan verfen.

In haar vrije tijd ontwerpt en maakt zij hele mooie schoenen. Geen  echte schoenen om te dragen maar sculpturen. Zij vertelde dat ze het mooi vind dat je in schoenen ook architectuur vormen kunt zien.

 Zij werkt vooral met goud en een stofje heel goed licht kan weerkaatsen.

Wij hebben in dit restauratieatelier ook het tekstuur van bladgoud gevoeld. Wij hebben ook geleerd hoe wij hiermee kunnen werken. Ieder kreeg een eigen plankje waar eerst met een laagje witte verf is geverfd, toen een laagje gele verf en uiteindelijk een speciaal lijmlaagje. Hier hebben wij voorzichtig een laagje bladgoud op aangebracht.

Zo worden sommige oude gebouwen bijvoorbeeld ook goud gemaakt met deze wijze.

Dit vond ik een hele leuke en bijzondere ervaring. Ik wist eerst helemaal niet dat er een baan bestond als schilderij reparateur. Ik vind het heel knap hoe de reparateur met veel precisie en geduld het schilderij kon repareren. En ook hoe Joyce met veel geduld het bladgoud kon aanbrengen op haar sculpturen. Over de ruimte viel het mij erg op dat alles erg licht was en dat er gebruik werd gemaakt van een speciaal licht dat het buitenlicht nabootst

 

Lakenhal

 

Na ons bezoek bij het restauratieatelier gingen wij naar de lakenhal. Hier moesten we twee voorwerpen of schilderijen uitkiezen. Deze moesten wij zo precies mogelijk beschrijven. Elk voorwerp of schilderij wordt namelijk heel precies beschreven en gerapporteerd. Dit moesten wij dus ook doen. Het was veel lastiger om iets te beschrijven dan ik dacht.

Ik ging samen met Teddy Dambrink uit 4A een schilderij en een oud bestek reisset beschrijven. Eerst hebben we de unieke code van het schilderij noteren en toen hebben we de schilder, het jaar en de plek waar het is gemaakt genoteerd. Daarna hebben we het schilderij zo goed mogelijk geprobeerd te beschrijven door te noteren hoe groot het schilderij is, waar het schilderij van is gemaakt, wat er allemaal te zien is en welke kleuren er in voorkwam en wat voor soort effect dit op ons had.

Toen we het bestek reissetje moesten beschrijven hebben we ook eerst het unieke nummer, de eigenaar en uit welke tijd het komt.

Hierna hebben wij gelet op vormen, materiaal en details zoals versieringen.

In de Lakenhal zagen de zalen er erg georganiseerd en overzichtelijk uit. Er waren veel verschillende zalen met schilderijen aan de muren. Ook stonden er in het midden van de zaal vitrines met voorwerpen, of er stond een sculptuur in de zaal.

 

Scheltema

Als laatst gingen we terug naar de Scheltema. Hier kregen we uitleg over het proces als iemand een oud voorwerp of schilderij wil geven aan een museum.

Het museum belt iemand om te komen kijken of ze het wel willen in het museum. Dan moet de eigenaar een papier met gegevens invullen. En zo gaat het verder.

Wij kregen tijdens deze workshop een aantal foto’s en deze moesten wij op volgorde leggen. Hierna gingen we weer voorwerpen beschrijven, maar op een andere manier. Je moest  tegenover iemand zitten. De ene had papier en een potlood, de andere had een voorwerp die diegene moest beschrijven. Maar de persoon met papier en potlood kon het voorwerp niet zien. Die moest het voorwerp natekenen door middel van de beschrijvingen die de ander geeft. Dit leidde tot een goede tekening die erg op het voorwerp leek of het leidde tot een heel grappig plaatje die er totaal niet op leek. Dit vond ik erg leuk om te doen, het leidde tot hele leuke tekeningen.

Op het laatst verzamelden alle groepjes weer bij het Scheltema. Hier was de afsluiting en moesten we een formulier invullen over wat we van de dag vonden.

Ik heb gemende gevoelens over de dag. Ik vond het heel erg leuk bij het restauratieatelier. Ik vond de Lakenhal overigens wat minder leuk. Bij het Scheltema vond ik het ook minder leuk dan bij het restauratieatelier, ik vond het beschrijven in combinatie met het tekenen wel een goede combinatie.

De lakenhal zou misschien iets leuker zijn voor ouderen of mensen die veel interesse hebben in kunst.

 

 

- Lisanne de Lange uit kls 4A

Maak jouw eigen website met JouwWeb